Aangenaam…

ik ben Carola Kruijswijk.

Graag neem ik je mee langs de wegen en omwegen die mij hier gebracht hebben.

Foto: Arenda Oomen

Ik heb theologie gestudeerd, maar wilde geen predikant worden. Ik vond mezelf te jong en onervaren om het pastoraat in te gaan, en ik verliet de kerk omdat ik ook mijn geloof verliet. Ik wilde vragen onderzoeken die onze samenleving bezig hielden,  zoals de invloed van technologie op ons besef van goed en kwaad. Ik werkte dat uit in een scriptie over morele vragen bij IVF, die vaak als ‘emotionele’ vragen werden behandeld, en dus vrij snel terzijde werden geschoven.

De tweede vraag die tot een scriptie leidde was de vraag hoe het kwam dat zorg zo vaak wordt genegeerd in economische theorieën, maar ook in de ethiek die toen in zwang was, in de jaren 80. Terwijl zorgen voor elkaar ons toch met alle vezels bij elkaar houdt.

Bij de zorgethiek bleek ik op de juiste plek. Ik ging de wetenschap in om te onderzoeken hoe moderne ICT-voorzieningen een betere balans zouden kunnen brengen tussen betaald werk en informele zorg, de zorg die mensen elkaar geven zonder dat er een contract of een salaris mee gemoeid is. Zeg maar, voor kinderen, ouders, zieke vrienden of mensen in de straat die een beetje steun nodig hebben. Belangrijker was de vraag hoe informele zorg als volwaardig burgerschap op de kaart zou kunnen komen. Dan zou het ook meetellen in economische en ethische theorieën die invloed hebben op politiek en beleid. En, nog belangrijker, in hoofden en harten van mensen.

Tijdens mijn onderwijs ontdekte ik hoe moeilijk studenten het vonden om ethische en levensbeschouwelijke vragen te stellen. Ze hadden eenvoudig de woorden niet. Ik besloot om daar wat aan te doen en werd docent Levensbeschouwing.

Toen kwam er een breuk in mijn leven: mijn vader overleed plotseling aan een hartinfarct. Het besef van sterfelijkheid drong zich op en verliet me niet meer. Ik was een sterveling geworden. Als sterveling zag ik in hoe belangrijk het vormgeven van belangrijke momenten is. Aandacht, aansluiten bij een persoonlijke ervaring, betrekken van leerlingen bij elkaar, dat werden mijn belangrijkste doelstellingen. Ik legde me toe op geweldloze communicatie en secure base-coaching om mijn leerlingen voor te bereiden op breuken in hun leven. Daarnaast droeg ik bij aan medezeggenschap en intervisie.

Toen mijn moeder drie jaar later overleed na een kort ziekbed en ik veel bewuster bij haar laatste levensfase en uitvaart betrokken was, besloot ik om me om te scholen tot ritueelbegeleider.

En dat ben ik nu.

Ik noem mezelf ook levensvragenconsulent en sterfbedverzachter. Voorbeelden van wat ik doe vind je in mijn blog.

Met het aanbieden van concrete rituelen is mijn eerste doelstelling vervuld. Ik heb nog een tweede doelstelling: bijdragen aan een cultuurverandering. Die noem ik: een cultuur waarin iedereen sterveling durft te zijn.

Sterveling zijn betekent: bewust leven met de gedachte dat je ooit afscheid moet nemen van alles wat belangrijk voor je is. En dan met volle inzet je leven leiden. Want al is het tijdelijk, het doet ertoe. En wat wil je dan achterlaten voor de mensen die voor jou gezorgd hebben, de mensen die met jou geleefd hebben en de planeet die ons allemaal herbergt?

Momenten waarop die sterfelijkheid ineens tot je doordringt zijn vrijwel altijd breukmomenten in je leven. Het overlijden van iemand, zelf ziek worden of op een grens stoten in je werk, je relatie, of je toekomstplannen. Hoe neem je die breuk in je leven op? Je moet jezelf opnieuw uitvinden, hopen op heling. Als je sterveling durft te zijn, durf je daar uit te reiken. Je hoeft het niet alleen te doen.

Maar in onze samenleving is dat niet zo gemakkelijk. Individueel succes, mondigheid, consumptiedwang, alle medisch-technologische mogelijkheden om de dood op afstand te houden werken tegen. De macht van de kerk om ons ‘memento mori’, denk eraan dat je ooit zult sterven, voor te houden, is uitgewerkt. En dat is goed, want met dreigen kweek je geen vertrouwen. Maar er is niets voor in de plaats gekomen. Als er geen dragende grond is die zegt: ‘ik draag je nu en straks neem ik je weer op’ raken we onze verbindingen kwijt. Verbinding met elkaar, verbinding met toekomstige generaties, met mensen ver weg en dichtbij, die de aarde met ons delen maar niet de rijkdommen, verbinding met de aarde die ons bijna niet meer kan dragen van de uitputting en opwarming.

Dus ja, als je sterveling durft te zijn en dan durft te kiezen wat jij zult bijdragen aan je kleine wereld en de grotere wereld, als je durft uit te reiken als het anders blijkt te zijn dan je dacht, draag je bij aan een samenleving die grenzen erkent. Een sterveling is iemand die met grenzen kan omgaan en binnen die grenzen kan bloeien. Een sterveling is iemand die onrechtvaardige grenzen aanwijst en tegengaat. Zodat er voor iedereen een goed leven is en een goede dood.

Er is veel meer over te zeggen dan dit. Doorpraten kan altijd. Welkom!