Gedicht: Uit je handen valt de avond

Uit je handen valt de avond…

Uit je handen valt de avond, knikker in een schaal.
We kijken er langdurig naar. Dan ligt hij stil,
wij ook. Het duister trekt vanuit de hoeken op

en overwint. Eén onheilspellend ogenblik lang is er

niets, houdt het huis zijn adem in en wacht. Nu richt
zich op, omzichtig, jong, de nacht. We dalen naar de

vale ochtend af, een wilde rit met onbekende afloop.
De restauratie is gesloten. Doof de lichten en geef toe.

Je draait je om, ik mij, dan wij elkaar. In het donker
krijgen onze handen vleugels. Er is niemand in de buurt,

geen ongenode gast, geen huisgenoot, geen levende ziel.
Het is aan ons om te vertrouwen, ons tot ons toe te laten.

Uit: Mark Boog, Alles dagen zijn van liefde
Uitgeverij Cossee, Amsterdam, 2008

Meer gedichten over sterven, afscheid nemen en verder gaan vind je hier.

Wil je zien wat ik voor je kan doen als jij afscheid van een dierbare moet nemen? Kijk dan hier.

Geef een reactie