Gedicht: Pardon

Op de Annie M.G. Schmidt-dag, vandaag, plaats ik een gedicht van haar.

Toen ik onlangs in de tram zat en het etiket “bezoeker’ in de tas van de reiziger tegenover me zat, schoot direct dit gedicht door mij heen. Misschien ben je verrast om het hier aan te treffen. Het heeft een lichte toon, het handelsmerk van Annie M.G. Schmidt. Maar er zit wel een serieuze ondertoon onder. Tenslotte zijn we hier allemaal op doorreis.
Af en toe weet Annie M.G. bij mij de snaar beter te raken dan een zware jongen als J.C. Bloem of P.C. Boutens; die vind ik dan zo zwaar op de hand dat ik ervan in de lach schiet. Terwijl Annie de zwaarte wel raakt, maar ook weer in de ruimte van haar humor zet. En zo de weg naar de Lindelaan voor ons allemaal begaanbaar houdt.

Pardon

Wanneer ik loop in Oldenzaal
Of Middelburg of Stadskanaal
Dan komt er altijd iemand aan
Die vraagt: Weet u de Lindelaan?
Zo iemand vraagt dan met een blik
Vol blij vertrouwen. Dan zeg ik:
Pardon, ik ben hier zelf vreemd.

En zo ontmoet ik alle dagen
Figuren die maar blijven vragen
Waar gaan wij heen met de cultuur
En waarom is de jam zo duur?
Is er nog hoop in deze tijd?
Dan moet ik zeggen, tot mijn spijt:
Pardon, ik ben hier zelf vreemd

Komt er weer oorlog? Vragen zij,
Komt er nog eens een tiende mei,
En heeft het leven dan wel zin?
Zo ja, waar zit die zin dan in?
En zijn wij op de goede weg?
Waarop ik altijd treurig zeg;
Pardon, ik ben hier zelf vreemd,

Maar om u heen zijn mensen zat
Die altijd weten hoe of wat
Zij weten waar in dit bestaan
De weg is naar de Lindelaan.

Annie M.G. Schmidt
Uit: Tot hier toe
Amsterdam, Querido, 1995

Met dank aan de vriendelijke reiziger die verbaasd-welwillend toestond dat ik een foto van zijn tas maakte.

Meer gedichten over sterven, afscheid nemen en verder gaan vind je hier.

Wil je zien wat ik voor je kan doen als jij afscheid van een dierbare moet nemen? Kijk dan hier.

Geef een reactie