Elementen van afscheid

We spreken over afscheidsrituelen.
Onze tafelgenoot vertelt: “Ik zag pas een documentaire over een ritueel waarin je alle nare dingen van het afgelopen jaar op een briefje schreef en dat briefje verbrandde. Dat was heel helend.”
Ik aarzel.
Ik heb een weerstand tegen verbranden.

Natuurlijk doe ik aan afscheidsrituelen. Maar uit mijzelf kies ik nooit om iets te verbranden. Dingen die in rook opgaan dragen voor mij de betekenis van teleurstelling, ontgoocheling en een tekort.
Niet van reiniging, plaats maken voor iets nieuws, vurigheid; al erken ik het bestaan van die werking en die effecten, en al kan ik me voorstellen dat de energie van de hindoegod Shiva een ander juist aanspreekt. Het is ook doortastend, dynamisch, vastberaden.

“En wat doe jij dan?” vraagt mijn tafelgenoot.
Van alles. Als het gaat om afscheid nemen of afstand doen, kies ik geen lucht en geen vuur. Voor lucht is mijn reden eenvoudig en een beetje banaal: ik wil geen zwerfvuil in de vorm van kapotte heliumballonnen in de natuur achterlaten, hoe hoopvol het ook kan zijn om tegen de zwaartekracht in te gaan. En voor de Thaise lampions die ik op zichzelf prachtig vind, is vaak een vergunning van de gemeente nodig wegens brandgevaar voor bomen en rieten daken. Wat zou kunnen, wat ik ook wel eens heb gedaan, is het wegblazen van een veertje. Lichtheid van alles wat zwaar was.

‘Mijn’ elementen zijn water en aarde. Afstand doen aan water, bijvoorbeeld in de zee, het wiegen van de golven. Afstand doen aan de aarde, begraven, toedekken met aarde, zand of sneeuw.
Beide ook onherroepelijk, maar de beweging van gooien of begraven is voor mij minder aangrijpend dan het aansteken van een vuur of het ingaan tegen de zwaartekracht. Gooien en begraven zijn voor mij handelingen met meer ontspanning. Ik kan me overgeven aan het afscheid, aan het afstand- doen, als ik zie dat het proces verder gaat zonder dat ik daarvoor meer hoef te doen dan loslaten. Want dat is op zichzelf al werk genoeg.

Maar het liefst help ik mensen om iets te transformeren. Om het bij zich te houden, maar in een andere vorm. Zoals de workshop “Kralen van herinnering”: zet de papieren die horen bij een ingrijpende gebeurtenis in je leven om in papier maché. Vorm eigenhandig iets dat pijnlijk was om tot iets schoons.
Een herinnering die je kunt meedragen, tot je het niet meer nodig hebt, tot het in een doosje kan blijven liggen, tot je het in de duinen kunt begraven. Misschien komt dat moment nooit en zal het nieuwe voorwerp je leven lang een herinnering zijn, vlak bij, binnen handbereik.

En altijd is mijn advies: Neem de tijd. Zoals ik iemand anders voor het afsluiten van een langdurige periode van rouw heb aangeraden om een steen mee te dragen, dag en nacht, als symbool van alles wat zwaar en eenzaam was, net zo lang tot de pijn haar zou verlaten en ze de steen kon afstaan aan de loop van het leven.

Het is zeer persoonlijk, merk ik als ik in de dagen na ons gesprek aan anderen vraag wat zij ervaren bij het idee om iets te verbranden.
Sommigen hebben voorkeur voor de snelle, reinigende werking van vuur. Soms ook vanwege hun afkeer van het wegrotten in de aarde. Ze spreken over ‘lieve maden’ uit de middeleeuwse memento mori-poëzie, de weke draden van slijm en wier die zich hechten aan alles wat onder water terecht komt. Het ontvlezen door roofvogels zoals de Tibetanen dat doen komt voorbij, de oude matriarchale culturen die hun ontvleesde skeletten onder de vloer van het woonhuis begroeven. De traditie van moslims om hun doden snel te begraven, bijna anoniem in witte doeken, omdat het lichaam niet langer de drager van de ziel is. Niet hechten aan iets dat niet meer is wat het is geweest, een volgende stap zetten.

Uiteindelijk komt het neer op de vraag hoe definitief en onherroepelijk je een afscheid moet maken – als je al beseft dat het voor altijd is en dat het leven nooit meer zal zijn zoals het was. Maar niets is voor altijd weg. Het blijft bestaan, in de atomen, in een andere vorm. As, compost, aanslibsel. Hoe dan ook onderdeel van de cyclus van het leven. Welk element het afscheid voor jou het best markeert is heel persoonlijk.

Hoe is dat voor jou?
Als jij afscheid neemt of afstand doet van iets, is er dan een element dat jouw voorkeur heeft? En waarom? Ligt het aan het soort afscheid? Ligt het aan iets anders? Ik ben benieuwd naar je gedachten en nodig je uit om ze hier te delen.

Comments are closed.

2 Responses

  1. anna veenstra says:

    Dag Carola,

    Mijn persoonlijke voorkeur voor de elementen zijn water en aarde.

    Ook mijn rituelen hebben vaak te maken met aardse zaken, zoals een boom, stenen, aarde, bloemen, het voedsel en nog vele andere dingen.
    De aarde, een kostbaar geschenk waar ik zuinig en zorgvuldig mee wil omgaan.
    Evenals water, het water wat neemt en geeft.
    De zalm die zich voortbeweegt in het water tegen alle stroming in.
    Een prachtig gedicht en lied.

    Maar ja ik werk met rituelen en in mijn levenskoffer kunnen clienten kiezen uit de verschillende elementen.

    Vuur, ik ben er bang voor.

    Maar de ;lucht is natuurlijk prachtig met de zon, de maan en de sterren.
    Vele gedichten en verhalen spreken over de lucht,

    • Dag Carola,

      Via via kom ik op jouw interessante vraag. En ik bedenk me dat het zeker ligt aan het soort afscheid.
      Niet alleen is er een voorkeur die mij past gewoon als mens die ik ben, maar is er ook het afstemmen op de gelegenheid.

      Ik vind het element vuur een fascinerend verschijnsel daarin. Het werkt snel, het is heel zichtbaar. De transformatie voltrekt zich voor je ogen. Het is onherroepelijk ook. Het vergt dus ook moed om iets aan het vuur toe te vertrouwen.

      Het element water is me ook heel lief. Talloze gevouwen bootjes met wensen, verlangens, lichtjes heb ik van de kant afgeduwd en heel lang nagekeken. En dan hebben we tranen nog niet genoemd.

      De aarde vind ik nog de meest mysterieuze van allemaal. Juist omdat het zich aan je blik onttrekt. Omdat het je dwingt om af te stemmen op de lange termijn.

      Ik heb eens meegedaan aan een afscheidsritueel met van die papieren ballonnen maar voorbij de eerste verrukking en verbazing komt bij mij dan ook de notie dat het milieu hier natuurlijk niet zo blij mee is.

      Als ik met mensen aan troostgewaden werk bedenk ik dat de essentie van een aantal van de elementen daar ook in langs komen.
      Het water in de soepelheid van de stoffen die het lichaam omgeven, het vuur in de onherroepelijkheid van de schaar zetten in een geliefd herinnerd kledingstuk, de lucht waarin de woorden opklinken van vertelde verhalen en geliefde muziek. De aarde wacht nog even.

      Dit proces is een begin van transformatie. Van iemand die net nog iemand anders kon liefhebben, vasthouden, naar iemand die dat niet meer kan.

      groet,

      Beatrijs