Leven metzonder, gedachten bij Allerzielen

Vroeger zei je het misschien zelf ook wel eens: “Mag ik naar buiten metzonder jas?” Of: “Ik wil graag een boterham metzonder boter.” Dan werd je verbeterd, want het kan niet allebei, zei je moeder dan: het is met of zonder. Metzonder kan niet.

Maar metzonder kan wel.

Metzonder  is dat gevoel dat je dierbare weg is, maar toch niet. Op een andere manier zijn zij nog steeds aanwezig.

In het begin voel je vooral het zonder. Als je de tafel wilt dekken en ineens met een bord teveel in je handen staat. Als je denkt: even bellen hoe het met hem is. En dan meteen erachteraan: o nee.

Dat zijn van die momenten dat je even heel erg zonder bent.
Maar het kan ook anders: als een zeurend pijntje dat je steeds in de achtergrond doet voelen dat je zonder bent.

Je hele lijf moet wennen aan dat leven zonder.
Al je gewoonten worden anders in het leven zonder.
Maar: het mag metzonder worden.
Leven metzonder begint met kleine stapjes.

Gevoelens en gedachten wisselen elkaar heel snel af:
hij is er niet meer, maar ik voel hem nog steeds;
ik weet dat ze dood is, maar ik denk steeds aan haar.

Het duurt wel even voordat je daaraan gewend bent. En misschien went het wel nooit.

Soms hoor ik mensen zeggen: dat moet je loslaten. In sommige gevallen is dat een goed advies. Maar een mens, die zo dichtbij je is geweest, met wie je hebt geleefd, gelachen, gevreeën, gevochten, die hoef je nooit los te laten.

Je moet hen niet loslaten, maar anders vasthouden.

Je hoeft niet zonder hen verder.
Je kunt metzonder hen verder.

Dan kun je bedenken: als ik jou niet hoef los te laten, hoe wil ik jou vasthouden?
Niet meer met mijn handen, dat kan niet meer,
maar met mijn hart
met de herinneringen die ik ophaal met anderen die jou gekend hebben
de dingen waar ik nóg om kan lachen,
of dingen die me nog altijd irriteren
met onze gewoonten die ik in ere houd.

Je maakt een nieuwe wereld; een binnenwereld,
of een gedeelde wereld met anderen waarin je de herinnering kunt koesteren.

Leven metzonder geeft je kracht van binnen.

Die kracht kun je versterken door een ding vast te houden.
Een ding dat jou warmte geeft, als de wereld koud is geworden.
Een ding dat jou licht geeft, als de wereld donker is geworden.

Een metzonderding geeft een ‘weet je nog?- gevoel. |
Iets om te koesteren.

Soms ben je ineens metzonder  als je een steentje in je jaszak voelt, dat je moeder je heeft gegeven tijdens een wandeling, of een e-mailtje dat je niet weggooit, of een fotootje van je vriend in je portemonnee.
Een voorwerp dat hen even heel dichtbij brengt.

Dat hoef je nooit los te laten.

Ik wens je toe dat je je eigen balans zult vinden tussen het met en het zonder, en dat je je eigen aandenken vindt aan jouw dierbare, een ding dat hen weer even heel dichtbij brengt.

Ik wens je toe dat het met van binnen steeds een beetje sterker wordt, zoals kaarslicht dat in het donker steeds een beetje sterker wordt en ik wens je toe dat je een vorm zult vinden om te leven metzonder je dierbare,
op jouw moment, en op jouw manier.

Geef een reactie